Ik noem ze verlangers. Mensen met een verslaving kunnen heel goed verlangen. Misschien herken je dat niet meteen als iets positiefs. Dat snap ik.
Ik zeg vaak dat verslaving mijn nieuwe verslaving is. Sinds ik stopte met drinken – een hardnekkige gewoonte die verweven was met onverwerkt trauma – is mijn passie naar verslaving verschoven. Dat ik mijn werk ervan heb gemaakt en mijn leven eromheen heb gebouwd, roept soms verwarring op. Wat is er in hemelsnaam zo leuk aan?
De kern van verslaving
Best veel. Het zijn vaak boeiende mensen die ik ontmoet. Gevoelige, opmerkzame mensen, die zich afvragen waar het leven eigenlijk over gaat. Die zoeken naar zin. Misschien is dat wel de kern van verslaving: je zoekt naar zin, maar komt terecht in een gewoonte die diezelfde zin langzaam uitholt.
Er is nog iets wat ik ben gaan waarderen, juist omdat ik het van binnenuit ken. Wij kunnen heel goed verlangen. Hunkeren. Smachten. Snakken.
Als je midden in een verslaving zit, voelt dat verlangen meestal niet als iets waardevols. Eerder als iets wat je overneemt. Een drang die je controle ondermijnt, waar je vanaf wilt. Maar als je erbij stilstaat, echt voelt wat craving is, verandert er iets.
Craving
Craving is meer dan trek. Het is een verlangende, begerige energie die door je lichaam, je gedachten en je emoties trekt. Het maakt onrustig en zoekend. Onder die onrust zit een gevoel van gemis. Een verlangen naar rust, vervulling, iets om je aan vast te houden, of om in te verdwijnen.
Wat mij fascineert, is dat craving en vervulling uit dezelfde bron komen. Allebei raken ze aan liefde – aan je verlangen om je verbonden te voelen, vastgehouden te worden, even te kunnen landen in jezelf. Craving als uiting van het gemis daarvan, vervulling als het ervaren ervan. Wie hunkert heeft dus iets met het thema liefde. Liefde als tekort, maar ook als richting.
Alleen zoeken we op de verkeerde plek. We hechten ons verlangen aan iets buiten onszelf: alcohol, drugs, eten, werk, seks, spullen. En dat werkt soms verbluffend goed. Alleen niet duurzaam.
De vraag die ik mensen vaak stel is: wat verlang je nu werkelijk? Niet: waar heb je zin in, maar: welk gevoel hoop je te vinden?
Verbinding
Voor mij was dat verbinding. Alcohol gaf me het gevoel dat ik dichter bij mensen kwam, en dichter bij mezelf. Gesprekken werden dieper, emoties vrijer, grenzen vervaagden. Dat ik daar ook regelmatig in doorschoot is een ander verhaal.
Wat ik zocht, was verbinding in de diepte. En precies dat is wat mijn werk me nu geeft. Nu zonder dat ik mezelf hoef te verdoven. Zonder dat ik mezelf verlies. En zonder kater.
Bevrijding van een verslavende gewoonte begint met jezelf de vraag stellen wat je werkelijke verlangen is. Niet om het snel te stillen, maar om het serieus te nemen en te onderzoeken. En uiteindelijk om het te gaan leven.
Verlangen is geen vijand. Het kan een richtingaanwijzer zijn. Misschien zelfs een vorm van levenskracht die wacht tot je haar anders gaat gebruiken.
Manja Kamman
Psychosociaal therapeut en integratief hypnotherapeut met ervaringskennis
Meer over Manja
Manja is psychosociaal therapeut en integratief hypnotherapeut met ervaringskennis. Ze werkt met mensen met verslavingen, eetproblemen en psychotrauma, vanuit haar praktijk in Amsterdam, zowel individueel als in groepen. Daarnaast verzorgt ze trainingen voor professionals en schreef ze het boek Ik weet dat je er bent – een integratieve begeleiding bij verslaving en herstel. Ze geeft ook lezingen over verslaving en herstel.
In Manja’s werk gaat het niet over vechten tegen je klachten, maar over anders leren omgaan met wat er van binnen speelt. Samen met cliënten kijkt ze naar de verschillende delen in hun leven, ook de delen die zich uiten in verslaving of destructief gedrag. Ze werkt met IFS en andere vormen van delenwerk, waarbij ruimte ontstaat voor begrip en compassie. Vaak komt dan een andere vraag naar voren: wie ben je, onder alles wat je bent gaan doen om het vol te houden? Een zoektocht die een ingang is naar herstel en een dieper ervaren van jezelf.